Veel van de sporters die een inspanningstest bij Move-Support komen doen, willen zichzelf verbeteren en blijven verbeteren. Wat ook de realiteit is, is de beperkte tijd die amateursporters aan hun hobby kunnen of willen besteden. DIt betekend dat effectief trainen op die punten waar je de meeste winst kan boeken erg belangrijk is. Kort door de bocht, je dient aandacht te besteden aan jouw beperkende (fysieke) factor. Maar welke beperkende factoren zijn er en hoe kom je hier achter? In dit artikel richt ik me op de beperkende fysieke factoren voor inspanning. Er zijn er veel meer. Denk aan mentale, technische en tactische factoren. Weet je welk systeem bij jou als eerste op zijn limiet zit, dan kan je hier doelgericht mee aan de slag. De longen Voordat de energiesystemen in onze spieren kunnen gaan draaien, is er zuurstof nodig. Deze zuurstof wordt uit de lucht gehaald en door de longen overgedragen aan het bloed. Gemiddeld genomen hebben de longen bij een ongetraind persoon een overcapaciteit van soms wel 25%. Door training leren we de longen beter gebruiken en sluit de capaciteit uiteindelijk goed aan op onze maximale inspanningscapaciteit. Longfunctie is dan ook meestal niet de belangrijkste beperkende factor. Echter dit geldt zeker niet voor alle sporters. Helaas beschikt niet iedereen over perfect werkende longen. Denk aan mensen met (inspannings) astma, allergieën, rookverleden etc. Ook de nieuwe groep ex COVID patiënten ervaren vaak longklachten bij inspanning. Om erachter te komen of de longen goed functioneren, wordt in de inspanningstest met ademgasanalyse naar een aantal waardes gekeken. Het gebruikte longvolume gedurende oplopende inspanning, de ademhalingsfrequentie en het longminuutvolume. Zo krijgen we een goed beeld hoe de longen functioneren bij inspanning en of zij de beperkende factor zijn bij inspanning. Hart en bloedvaten Zodra de longen de zuurstof hebben doorgelaten en de zuurstof moleculen door de longblaasjes heen de bloedbaan zijn ingekomen, begint het transport van de zuurstof.
Move-Support.nl - info@move-support.nl - T 06 211 077 56 - Privacy

De prestatie beperkende factor

© D.A. van Schaik Move-Support

Wie zich verdiept in de wereld van de hartslagzones komt tot de conclusie dat er een hoop verschillende systemen en indelingen bestaan. Elke indeling is onderbouwd met valide argumenten. Echter wanneer de verschillende indelingen naast elkaar worden gezet, blijkt dat er behoorlijke verschillen in intensiteit kunnen ontstaat bij de op het eerste gezicht zelfde hartslagzones. Dit is voor de amatueur- of net startende sporter die niet begeleid wordt door een ervaren inspanningsfysioloog erg verwarrend. Welke indeling in nu de juiste? Een van de grootste problemen onstaat wanneer vanuit de topsport geldende normen worden vertaald naar het gebruik voor de niet topsporter. Een topsporter heeft zijn leven zo ingedeeld dat de vereiste trainingsuren gemaakt kunnen worden en er volgens de ideale periodiseringsmodellen getraind kan worden. Dit leidt ertoe dat de topsporter fysiek voldoet aan het ideaalplaatje wanneer we naar de zone indeling kijken van de hartslag. Dit verschilt ook nog eens per sport. In de praktijk blijkt dat een niet topsporter niet kan voldoen aan dit ideaalplaatje. Meer dan 10 of zelfs 15 uur per week trainen is onhaalbaar en vaak ook niet de doelstelling. Dit verschil in training leidt er vaak toe dat het voor een niet topsporter onmogelijk is de indeling van hartslagzones te volgen die geldt voor de topsporter. Met name de lagere inspanningszones zijn bij niet topsporters vaak minder goed ontwikkeld dan bij een topsporter. Maar kan een niet topsporter dan wel op hartslag trainen? De Nederlandse Triathlon Bond (NTB) ondervond dit zelfde probleem en ging op zoek naar een eenduidige indeling die voor de grote groep sporters (niet topsporters) ook bruikbaar is. Rekening houdend met minder getrainde atleten die minder trainingsuren maken dan een topsporter. Om daadwerkelijk over individuele zones te spreken, is een inspanningstest met ademgasanalyse waarbij de VAT en RCP worden bepaald essentieel. Bij Move- Support kan je terecht voor zo’n inspanningstest. Onderstaande indeling van de hartslagzones is gebaseerd op de resultaten van een inspanningstest (VAT, RCP en MAX bepaling) Volgens de inspanningsfysiologie bestaan er slechts drie inspanningszones. De zone voor de VAT, de zone na de VAT en de zone na het RCP. Echter om meer richting te geven aan training wordt er vaak met 5 hartslagzones gewerkt, elk met hun eigen doelstelling. Een hartslagzone wordt gekenmerkt door een boven en een ondergrens qua hartslag. Blijf je binnen deze zone, dan train je volgens het daarbij behorende trainingsprincipe . Maar zo eenvoudig is het niet. Het lichaam wordt pas geprikkelt om zich aan te passen (training) wanneer je voldoet aan de minimale en maximale tijdsduur van zo’n trainingsprincipe en de juiste hersteltijd in acht neemt. Hierover lees je meer in het artikel trainen met trainingsricipes
24 September
MOVE-SUPPORT Inspanningstesten & trainingsadvies
MOVE-SUPPORT Inspanningstesten & Trainingsadvies

Nieuwe indeling

hartslagzones